Veel beleggers zien een stop-lossorder als een automatische noodrem die verliezen nauwkeurig afkapt. In dit artikel leer je hoe het centrale orderboek werkelijk functioneert en waarom marktschokken juist tot onverwachte verliezen kunnen leiden.
Wanneer koersen hard onderuitgaan en de verkoopdruk toeneemt, grijpen veel beleggers instinctief naar verkooporders om verdere schade te beperken. Regel 4203/1 van het Euronext Rule Book definieert een marktorder, in de volksmond bestensorder genoemd, als een opdracht om direct effecten te verhandelen tegen de best verkrijgbare koers op het moment dat de order het centrale orderboek bereikt. Dat klinkt eenvoudig, maar tijdens turbulente handelsdagen schuilt precies daarin een wezenlijk risico voor je portefeuille.
Toezichthouder AFM waarschuwt dat stop-lossorders bij particuliere beleggers geregeld de misleidende indruk wekken dat zij een vaste verkoopprijs garanderen. De werkelijkheid van de beursvloer zit anders in elkaar: zodra de vooraf ingestelde drempel wordt aangetikt, verandert de bescherming ogenblikkelijk in een gewone bestensorder. De uiteindelijke transactieprijs kan daardoor aanzienlijk lager uitvallen dan het niveau waarop je dacht uit te stappen.
Log in om dit artikel te lezen
Maak gratis een account aan om volledige toegang te krijgen tot dit artikel.
