De Raad van State wil het nieuwe belastingstelsel uitstellen tot 2030, waardoor beleggers nog jaren vastzitten aan het overgangsstelsel. We leggen uit hoe de tegenbewijsregeling werkt en waarom een beroep op je werkelijke rendement een addertje onder het gras kent.
De Raad van State adviseert het kabinet om de geplande invoering van een nieuw box 3-stelsel per 2028 te heroverwegen en pas in 2030 over te stappen op een vermogenswinstbelasting. Dat advies gooit het tijdpad van de vermogensheffing opnieuw overhoop. Voor particuliere beleggers betekent dit dat het huidige overgangsstelsel met fictieve forfaits en tegenbewijsformulieren nog geruime tijd de realiteit blijft.
Het fiscale touwtrekken rondom box 3 draait om één fundamentele vraag. Moet de fiscus belasting heffen over een rendement dat je volgens Den Haag had kunnen halen, of over de euro's die daadwerkelijk op je beleggingsrekening zijn bijgeschreven? Om je belastingaangifte en portefeuilleplanning scherp te houden, moet je de rekenregels en de juridische haken en ogen van het overbruggingsstelsel doorgronden.
Log in om dit artikel te lezen
Maak gratis een account aan om volledige toegang te krijgen tot dit artikel.
