De Raad van State adviseert om het nieuwe stelsel voor box 3 uit te stellen naar 2030, omdat invoering in 2028 volgens de Belastingdienst onuitvoerbaar is.
Het adviesorgaan gaf het wetsvoorstel voor een vermogenswinstbelasting een zogenoemd C-oordeel. Dat betekent dat er zware bezwaren zijn en dat het kabinet het plan niet in de huidige opzet naar de Tweede Kamer moet sturen. De Raad stelt vast dat de gezochte invoering per 2028 volgens de uitvoeringstoets van de Belastingdienst in elk geval niet haalbaar is.
In het aangepaste voorstel schrapt het kabinet de eerdere vermogensaanwasbelasting, waarbij beleggers jaarlijks belasting zouden betalen over papieren koerswinsten. In plaats daarvan stelt staatssecretaris Eelco Eerenberg van Financiën een belasting voor op uitsluitend gerealiseerde winst. De grote haast waarmee het kabinet dit plan door het parlement wil loodsen – met een gewenste behandeling vóór 12 november – doet volgens de Raad afbreuk aan de zorgvuldigheid.
Ook de financiële onderbouwing rammelt nog. De overstap naar een winstbelasting kost de staatskas miljarden. Het kabinet wilde dat gat dichten door het tarief in box 2 tijdelijk te verlagen, zodat ondernemers sneller dividend uitkeren, maar schoof tegelijkertijd bijna 8 miljard euro door naar toekomstige kabinetten. Eerenberg werkt aan aanpassingen en wil uiterlijk dinsdag een gewijzigd plan en een nieuw dekkingsvoorstel naar de Tweede Kamer sturen.
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen persoonlijk beleggingsadvies.
